Nieuws

Wachten op royalty’s: column Marc ter Horst

15 januari 2018

Ieder jaar rond deze tijd is het weer hetzelfde liedje. De vakantieplannen borrelen op en we hebben geen idee hoe ver we kunnen gaan. Wacht maar tot eind maart zeg ik dan tegen de brave loonarbeider bij ons in huis. Die weet precies hoeveel ze te besteden heeft en kan niet wachten om met de voorpret te beginnen. Maar welke voorpret? Drie weken met de tent naar Spanje of vier weken luxe hotels in Indonesië? Dat weet je pas als de enveloppen met royalty’s door de brievenbus vallen.

Er is geen post waar ik reikhalzender naar uitkijk. Het is bijna als de trekking van de loterij. Want ik kan wel een klein beetje inschatten welk bedrag er onder aan de streep staat, maar de marge die ik moet nemen is minimaal goed voor vier tickets naar Bali. Zonder vroegboekkorting, want die kunnen we tegen die tijd wel shaken.

Je vraagt je af wat ze doen daar op de uitgeverij, tussen kerst en eind maart. Alle verkoopcijfers zijn binnen, de punten en de percentages staan ongetwijfeld in de computer. Niets staat ze in de weg om mij nog voor Driekoningen een fantastisch bedrag te beloven waarvan we drie keer de wereld rond kunnen. Maar ik weet wel wat ze doen.

Ze schuimen het hele internet af op zoek naar de beste deals voor de zomer- en meivakantie. Pas als iedereen heeft geboekt gaat er een seintje naar de postkamer: stuur de royalty-overzichten maar op. Zodat wij, arme auteurs, de duurste vliegtickets krijgen. Maar hoor je mij klagen? Welnee. De afgelopen jaren ben ik één keer naar Bali geweest. Dankzij de rest van de royalty’s kon ik al vijf kinderboeken schrijven. De nieuwste gaat over het klimaat, dus voorlopig mag ik van mijn geweten toch niet meer vliegen. En Spanje is ook leuk.